Wat is een vaccin?

Een vaccin is een hulpmiddel dat de dieren helpt om hen te beschermen tegen bepaalde virussen en bacteriën die anders zeer zware tot dodelijke gevolgen hebben.  Het vaccin is opgebouwd uit onschadelijke deeltjes van het betreffende virus of bacterie.   

Hoe werkt nu zo’n vaccin?  

Door het toedienen van het vaccin komen de onschadelijke deeltjes van het virus of bacterie in het lichaam.  Het lichaam gaat hier tegen antilichamen maken en zal in een later stadium het betreffende virus of bacterie herkennen en neutraliseren.  Na het eerste vaccin, een primovaccin,  heeft uw hond een tweede vaccin, een boostervaccin, nodig om genoeg antilichamen aan te maken.  Eens gevaccineerd moet je jaarlijks een herhaling toepassen om de antilichamen actief te maken.  Met de vaccinaties bescherm je je hond tegen extreem besmettelijke, pijnlijke en dodelijke ziekten.  Vaccineren is dus een must om uw dier te beschermen en onnodige medicatiekosten te vermijden.
Er zijn drie soorten vaccins voor de hond: de multivalente vaccins (gebruikt voor primovaccinatie van pups en voor revaccinatie van volwassen honden) die een ruime bescherming tegen de verschillende virale ziekten bieden. De mono- of bivalente vaccins die vooral beschermen tegen kennelhoest en tenslotte de rabiësvaccins (meestal geïnactiveerde monovalente vaccins).

Waartegen vaccineren?  

1. Ziekte van Carré   

De ziekte van Carré (ook hondenziekte of Distemper genoemd) wordt veroorzaakt door een morbillivirus dat alle hondachtigen aantast en overal ter wereld voorkomt.  De besmetting gebeurt meestal door contact met besmette dieren of besmette uitwerpselen.  Deze ziekte komt vooral voor bij pups en geeft atypische symptomen als braken, depressie, diarree, hoesten,...  Uiteindelijk komen er zenuwsymptomen die snel tot de dood leiden.  Ook volwassen dieren kunnen aangetast worden en blijvende zenuwstoornissen krijgen welke vaak leiden tot het laten inslapen van het dier.

2. Kattenziekte of parvovirose  

Deze ziekte wordt overgedragen door contact met besmette uitwerpselen van een besmette hond (niet door katten zoals soms verkeerd gedacht wordt).   Het parvovirus tast sneldelende cellen, zoals darm-, hart- en witte bloedcellen, aan en vernietigt ze.  Deze  ziekte is snel dodelijk.  Zo’n 80% van de besmette honden sterft eraan.  De ziekte is herkenbaar aan het veelvuldig braken en bloederige diarree of plotse sterfte.

3. Kennelhoest of besmettelijke tracheabronchitis

Deze ziekte wordt in 80% van de gevallen veroorzaakt door de bacterie Bordetella bronchiseptica; de andere 20% is te wijten aan het parainfluenza-, adeno- en canine distemper virus.  Hierbij wordt het ademhalingsstelsel van de hond aangetast waardoor er een erge chronische hoest ontstaat en een verhoogde vatbaarheid voor longontstekingen.  Deze ziekte is echter zelden of nooit dodelijk.  Dit vaccin is meestal verplicht op plaatsen waar veel honden samen komen, zoals hondenscholen, shows en pensions.

4. Leverontsteking of besmettelijke hepatitis

De ziekte van Rubarth of hepatitis contagiosa canis is eerder zeldzaam, maar het virus is acuut dodelijk voor jonge honden en oudere dieren krijgen chronische leverstoornissen.  De epidemiologie van deze ziekte in België is onbekend.  

5. Rattenziekte of leptospirose

Deze ziekte (ook wel de ziekte van Weil genoemd) wordt veroorzaakt door een bacterie, nl. Leptospira canicola en Leptospira icterohaemorrhagiae.  Vooral ratten zijn drager van deze bacterie en kunnen de hond besmetten door een beet.  Ratten kunnen ook het omgevingswater besmetten met hun urine.  De grootste oorzaak van besmetting komt door contact met urine van andere besmette dieren of besmet water.  De bacterie dringt dan binnen via de huid, de slijmvliezen of het oog.  Ze veroorzaakt koorts, braken, stijfheid, nierontsteking en soms geelzucht en zenuwsymptomen.  Het is een complexe en moeilijk te bestrijden ziekte die doorgaans een dodelijke afloop kent en trouwens ook voor mensen een groot gevaar is.

6. Rabiës of hondsdolheid

Deze gevaarlijke virusbesmetting treft alle warmbloedigen die in contact komen met speeksel van een besmet dier of door het eten van met rabiës besmet dier.  Het virus tast de hersenen en de speekselklieren aan waardoor de hond als het ware ‘dol’ wordt en erg gaat speekselen.  Hondsdolheid leidt tot een erg pijnlijke dood.  Deze ziekte wordt internationaal bestreden en vaccineren is verplicht als je met je hond naar het buitenland gaat.  In België komt hondsdolheid in het zuiden van het land voor.  Onder de Maas en Samber lijn is vaccineren ook in België verplicht.  

Vaccinatieschema:

6 weken: honden- en kattenziekte (jeugdvaccin)

8-9 weken: honden-, katten- en rattenziekte, leverontsteking en evt een eerste keer kennelhoest

14-16 weken: volwassen vaccin

VANAF DAN JAARLIJKSE HERHALING